Thursday, December 08, 2005

Literatuurreflectie week 2: Newman & Kücklich

Wat het belang van academisch onderzoek naar games is en waarom videogames belangrijk zijn voor de hedendaagse samenleving zijn vragen die in de eerste twee hoofdstukken van Newman, in het boek ‘Videogames’, aan bod komen. In deze reflectie zal ik mijn mening uiten over wat Newman meent over onderzoeken naar videogames en rol van deze games in de samenleving. Binnen de reflectie op Newman, zal ik ook kort reflecteren naar het artikel van Kücklich.In het eerste hoofdstuk legt Newman uit waarom het belangrijk is dat videogames academisch worden onderzocht. Hij noemt drie verschillende argumenten. Het eerste argument, dat zegt dat de globale videogames industrie een steeds grotere markt aan het worden is, is deels te bekritiseren. Natuurlijk geeft het feit dat videogames steeds beter worden verkocht aan dat er een steeds grotere vraag naar videogames komt. Ik kan het belang van een academisch onderzoek naar games ook goed begrijpen, maar mijn vraag is eigenlijk: is er academisch onderzoek nodig, omdat een bepaalde industrie, in dit geval de game-industrie, zich steeds verder ontwikkelt? Er zullen, naar mijn mening, criteria van het belang van een goed academisch onderzoek benaderd moeten worden, om antwoord te kunnen geven op deze vraag.

Videogames zijn populair, zo luidt het 2e argument van Newman. Newman richt zich op dit argument niet op de verkoopcijfers van games, maar op het feit dat games steeds meer een leukere activiteit worden. Ook hierbij kun je de vraag stellen of academisch onderzoek dan nodig is. Grotendeels kan ik zeggen dat ik het belang van een onderzoek naar games wel kan begrijpen; games zijn een steeds grotere rol gaan spelen in de maatschappij en worden dus steeds populairder. Academici willen onderzoeken wat mensen aanzet tot het spelen van games, wat de effecten van games op mensen zijn, etc.

De interactiviteit tussen de mens en machine is belangrijk om te onderzoeken, zo vindt Newman. Hij stelt dat er een vergelijking getrokken kan worden tussen het snappen van een Office-progamma met het vertrouwd raken met een game. Ik vind dat beide applicaties niet met elkaar vergeleken kunnen worden, omdat een game andere soort interactie in zich heeft dan een Office programma. Daarnaast heeft een game ook een ander doel; vermaak of het winnen van een spel, terwijl een Office programma het doel heeft om een tekst op te stellen en dingen te leren.

In hoofdstuk 2 behandelt Newman de definitie van een ‘game’. De kritiek die Kücklich heeft op het boek van Newman, heeft betrekking op het feit dat Newman verschillende wetenschappers aan het woord laat. Ik vind dit kritiekpunt van Kücklich niet terecht; ik vind juist dat een lezer van dit boek door middel van veel verschillende standpunten van verschillende wetenschappers, zich beter kan positioneren en afbakenen in de door hem of haar gevormde mening. Wanneer er slechts één of twee wetenschappers in een boek zullen voorkomen, komt de lezer slechts een paar kritiek- of aanvulpunten tegen en kan er daardoor geen volledige, goede mening worden gevormd.

------------------------------------------------------------------------------------

Literatuurlijst:
Kücklich, Julian, Review: Videogames. Routledge Introductions to Media and Communications.
http://www.game-research.com/art_review_newman.asp

Newman, James (2004), Videogames. Londen: Routledge
Hoofdstuk 1: Why Study Videogames? 1-7
Hoofdstuk 2: What is a Videogame? 9-28

0 Comments:

Post a Comment

<< Home